ECLI:NL:RVS:2018:2983
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen omgevingsvergunning voor bouwen stallen
Het college van burgemeester en wethouders van Etten-Leur verleende Lameba B.V. een omgevingsvergunning voor het bouwen van drie stallen op een perceel te Etten-Leur. Appellant stelde daartegen beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde omdat appellant geen zienswijzen had ingediend en dit niet verschoonbaar was.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij redelijkerwijs niet kon worden verweten geen zienswijzen te hebben ingediend, omdat de kennisgeving in het huis-aan-huisblad onvolledig was en geen rechtsmiddelenverwijzing bevatte. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de kennisgeving weliswaar in een vakantieperiode en in een onregelmatig verspreid blad was gedaan, maar dat het tot de eigen verantwoordelijkheid van appellant behoorde om kennis te nemen van de publicatie.
De Afdeling verwierp het betoog dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het beroep niet-ontvankelijk is. Ook het verwijzen naar eerdere pleitnota's bracht geen nieuwe gronden die het oordeel konden veranderen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de omgevingsvergunning wordt niet-ontvankelijk verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.