ECLI:NL:RVS:2018:2979
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- J.J. van Eck
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing openbaarmaking documenten over mogelijke stationering nucleaire wapens
De appellant verzocht de minister om openbaarmaking van documenten over de totstandkoming van verdragen uit de jaren ’60 en ’70 betreffende mogelijke stationering van Amerikaanse nucleaire wapens op Nederlands grondgebied. De minister wees dit verzoek af op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en internationale afspraken binnen de NAVO die geheimhouding voorschrijven.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het verzoek betrekking had op NAVO-documenten die niet openbaar gemaakt mogen worden. Appellant stelde dat ook ambtelijke documenten over de verdragen openbaar gemaakt moesten worden en dat de minister onvoldoende onderzoek had gedaan naar de geheimhouding.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank. De Raad nam kennis van vertrouwelijke 'Administrative Arrangements' die een uitputtende regeling vormen voor geheimhouding van atoominformatie binnen de NAVO. Deze regeling strekt zich ook uit tot Nederlandse documenten met dergelijke informatie. De minister had voldoende onderzoek gedaan en het verzoek kon niet worden ingewilligd.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om openbaarmaking is bevestigd.