ECLI:NL:RVS:2018:2548
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- B.P. Vermeulen
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit afwijzing toevoeging rechtsbijstand door Raad voor Rechtsbijstand
De Raad voor Rechtsbijstand wees op 16 augustus 2016 een aanvraag om toevoeging voor rechtsbijstand af. Na bezwaar verklaarde de raad dit besluit op 12 december 2016 gehandhaafd. De rechtbank Oost-Brabant vernietigde dit besluit op 7 juli 2017 wegens strijd met artikel 7:13, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat de bezwaarcommissie de raad niet uitnodigde voor de hoorzitting, wat in strijd is met de Awb.
De raad stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep op 5 juni 2018 en oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is, mede gelet op een gelijktijdige uitspraak (ECLI:NL:RVS:2018:2481) waarin dezelfde rechtsvraag werd beantwoord.
De Afdeling bevestigde daarmee de vernietiging van het besluit en veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten aan de wederpartij voor het indienen van het verweerschrift en de reactie op nadere inlichtingen. Tevens werd het griffierecht vastgesteld. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep niet gericht was tegen samenhangende uitspraken, zodat geen eenmaal griffierecht werd geheven.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de vernietiging van het besluit tot afwijzing van de toevoeging en veroordeelt de raad tot vergoeding van proceskosten.