ECLI:NL:RVS:2018:2545
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- B.P. Vermeulen
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit afwijzing toevoeging rechtsbijstand door Raad voor Rechtsbijstand
De Raad voor Rechtsbijstand wees op 8 juni 2016 een aanvraag om toevoeging voor rechtsbijstand af. Tegen dit besluit maakte de wederpartij bezwaar, dat op 26 oktober 2016 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Oost-Brabant vernietigde bij uitspraak van 9 augustus 2017 het besluit op bezwaar wegens strijd met artikel 7:13, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat de bezwaarcommissie de raad niet uitnodigde voor de hoorzitting in bezwaar.
De raad stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is. De Afdeling bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank dat de werkwijze van de bezwaarcommissie niet in overeenstemming was met de Awb.
Daarnaast werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de wederpartij voor het indienen van het verweerschrift en het reageren op nadere inlichtingen. Het griffierecht werd vastgesteld op € 501,00. De Afdeling zag geen aanleiding om eenmaal griffierecht te heffen over meerdere samenhangende zaken, omdat deze niet gelijktijdig of kort na elkaar waren behandeld en niet op één samenstel van feiten berustten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Raad voor Rechtsbijstand wordt ongegrond verklaard en het besluit op bezwaar vernietigd.