ECLI:NL:RVS:2018:1468
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Buitengebied Veendam wegens onzorgvuldigheden en strijdigheid met wetgeving
De raad van de gemeente Veendam stelde op 24 oktober 2016 het bestemmingsplan "Buitengebied Veendam" vast. LTO Noord stelde beroep in tegen dit besluit en voerde meerdere bezwaren aan, waaronder het ontbreken van een afwijkingsbevoegdheid voor bouwwerken voor veevoeropslag, de strengere geurbelastingnormen dan wettelijk vereist en onduidelijkheid over vergunningplicht voor drainage.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het plan onzorgvuldig was voorbereid omdat het geen afwijkingsbevoegdheid voor veevoeropslag bevatte, terwijl dit abusievelijk was weggelaten. Tevens stelde de Afdeling vast dat de norm voor achtergrondgeurbelasting van 6,5 ouE/m3 strenger was dan de wettelijke norm van 8,0 ouE/m3 voor voorgrondbelasting, wat strijdig is met de Wet geurhinder en veehouderij en het Activiteitenbesluit milieubeheer.
Verder werd geoordeeld dat de vergunningplicht voor systematische drainage onduidelijk is, waardoor het rechtszekerheidsbeginsel werd geschonden. Andere bezwaren, zoals die over archeologische bescherming en karakteristieke waterlopen, werden afgewezen. De Afdeling vernietigde het besluit voor de genoemde onderdelen en gaf de raad opdracht binnen gestelde termijnen een nieuw besluit te nemen en het plan aan te passen. De raad werd tevens veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan LTO Noord.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Buitengebied Veendam wordt op onderdelen vernietigd en de raad wordt opgedragen binnen gestelde termijnen een nieuw besluit te nemen en het plan aan te passen.