ECLI:NL:RVS:2018:130
Raad van State
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens middelenmisbruik en alcoholgebruik
Het CBR heeft het rijbewijs van appellant ongeldig verklaard na meerdere aanhoudingen wegens alcohol- en drugsgebruik in het verkeer, waaronder het aantreffen van hasj en een verhoogd ademalcoholgehalte. Een medisch onderzoek door een psychiater en arts concludeerde dat appellant misbruik maakt van middelen, wat leidde tot de ongeldigverklaring.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de diagnose onjuist was en dat hij zijn alcoholgebruik had gestaakt. Tevens stelde hij dat het verlies van zijn rijbewijs zijn werkzaamheden als zelfstandige in de bouw belemmert. De rechtbank oordeelde echter dat het verslag van bevindingen voldoende onderbouwd en niet tegenstrijdig was, en dat het CBR terecht het rijbewijs ongeldig had verklaard.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De regelgeving laat geen ruimte voor een belangenafweging ten gunste van appellant in dit kader.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens misbruik van middelen en alcoholgebruik.