ECLI:NL:RVS:2017:884
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd
De vreemdeling heeft bij besluit van 2 december 2015 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris is afgewezen. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond in haar uitspraak van 22 april 2016. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
In het hoger beroep heeft de vreemdeling een nader stuk ingediend, maar de Raad van State oordeelt dat de aangevoerde gronden niet leiden tot vernietiging van de uitspraak. Er zijn geen vragen die de rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin raken.
De Raad van State verklaart het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd.