ECLI:NL:RVS:2017:3437
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Th.C. van Sloten
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluiten tegen mestverwerking en varkenshouderij in strijd met bestemmingsplan
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant legde aan appellant A en appellant B last onder dwangsom op wegens overtredingen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het bestemmingsplan "Buitengebied 2005". Appellant A exploiteert een varkenshouderij en een mestverwerkingsinstallatie op verschillende percelen te Boekel, waarbij mest van beide bedrijven op één perceel wordt verwerkt en opgeslagen. Het college stelde dat deze mestverwerking en opslag niet is toegestaan als hoofdfunctie binnen het bestemmingsvlak en dat de activiteiten in strijd zijn met het bestemmingsplan.
Appellant A betwistte dit en voerde aan dat de activiteiten als één agrarisch bedrijf moesten worden beschouwd en dat een milieuvergunning uit 2011 hiervoor toestemming gaf. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bestemmingsplan strikt moet worden uitgelegd en dat de milieuvergunning geen afwijking van het bestemmingsplan toestaat. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel en het fair play-beginsel faalde, omdat geen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen tot niet-handhaving waren gedaan en appellant A geen gebruik had gemaakt van de geboden gelegenheid tot legalisering.
Appellant B erkende de overtreding, maar stelde dat de begunstigingstermijn van drie maanden te kort was. Dit werd verworpen omdat de termijn bedoeld was om de overtreding feitelijk ongedaan te maken en niet om legalisering mogelijk te maken. De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.