ECLI:NL:RVS:2017:3236
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke bij besluit van 13 juni 2017 door de staatssecretaris is afgewezen. De rechtbank heeft het beroep van de vreemdeling tegen deze afwijzing op 20 oktober 2017 ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld.
De vreemdeling heeft vervolgens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om te voorkomen dat zij wordt uitgezet voordat het hoger beroep is beslist, en om opvang en verstrekkingen te ontvangen gedurende deze periode. De voorzieningenrechter heeft dit verzoek getoetst aan eerdere jurisprudentie en acht het verzoek toewijsbaar.
De staatssecretaris is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, vastgesteld op €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan op 23 november 2017 door de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.