ECLI:NL:RVS:2017:3189
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor boomteelt ondanks bezwaren over dassenleefgebied en cultuurhistorische waarden
Het college van burgemeester en wethouders van Grave verleende op 17 juni 2014 een omgevingsvergunning voor het inrichten van percelen ten behoeve van boomteelt. IVN Grave en anderen maakten bezwaar en stelden beroep in tegen dit besluit, onder meer vanwege mogelijke aantasting van het leefgebied van dassen en cultuurhistorische waarden.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de besluiten op bezwaar, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van IVN Grave en anderen behandeld en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De Afdeling overwoog dat het college terecht had vastgesteld dat geen onevenredige afbreuk werd gedaan aan het leefgebied van dassen, mede op basis van een natuurtoets die de effecten van de inrichting voor boomteelt beoordeelde. Ook werd geoordeeld dat het onderzoek naar de aanwezigheid van dassenburchten adequaat was en dat de planregels niet vereisen dat de kans op nieuwe burchten wordt beoordeeld.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college terecht geen onevenredige aantasting van cultuurhistorische waarden aannam, mede omdat de percelen niet waren aangeduid als specifiek waardevol gebied of met de aanduiding "openheid". De aan de vergunning verbonden voorschriften boden voldoende waarborg voor bescherming van het leefgebied van de das. Ten slotte werd geoordeeld dat het archeologisch onderzoek en de daaraan verbonden voorschriften adequaat waren.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van IVN Grave en anderen wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.