ECLI:NL:RVS:2017:306
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid college tot handhaving actualisering bestemmingsplan niet vastgesteld
Het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten wees het verzoek van appellant af om handhavend op te treden tegen de raad van de gemeente Voorschoten vanwege het niet binnen tien jaar actualiseren van het bestemmingsplan voor het perceel Voorstraat 19-21. Appellant ondervond hinder van het kinderdagverblijf op dat perceel en wilde afdwingen dat een nieuw bestemmingsplan werd vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat de raad de actualiseringstermijn had overschreden, maar dat het college niet bevoegd was om handhavend op te treden tegen de raad. Appellant stelde dat het college wel bevoegd was op grond van artikel 7.1 Wro en de Gemeentewet, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde vast dat het college geen last onder bestuursdwang of dwangsom kan opleggen aan de raad om het bestemmingsplan te actualiseren, omdat het vaststellen van een bestemmingsplan een exclusieve bevoegdheid van de raad is.
De Afdeling concludeerde dat het college de gewenste last niet kan ten uitvoer leggen en bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het college is niet bevoegd handhavend op te treden tegen de raad wegens het niet tijdig actualiseren van het bestemmingsplan.