ECLI:NL:RVS:2017:2845
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdelingen in hoger beroep asiel
Bij onderscheiden besluiten van 6 februari 2017 heeft de staatssecretaris de aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 14 augustus 2017 de beroepen ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdelingen verzochten de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat zij niet worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en zij gedurende die periode opvang en verstrekkingen ontvangen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek, gelet op eerdere jurisprudentie, toewijsbaar is.
De voorzieningenrechter bepaalde daarom dat de vreemdelingen niet mogen worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en veroordeelde de minister van Veiligheid en Justitie tot vergoeding van de proceskosten van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en de minister moet proceskosten vergoeden.