ECLI:NL:RVS:2017:2662
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek verkeersmaatregel voor regulering parkeren Albertus Perkstraat
Het college van burgemeester en wethouders van Hilversum wees een verzoek af tot plaatsing van een bord E4 met tijdsvenster op de Albertus Perkstraat ter regulering van parkeren voor bewoners. Appellant en anderen stelden beroep in tegen deze afwijzing, dat door de rechtbank niet-ontvankelijk werd verklaard wegens onduidelijkheid over de identiteit van de indieners.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het beroep van appellant niet-ontvankelijk verklaarde, omdat uit de stukken en eerdere procedures voldoende kenbaar was dat het beroep namens appellant werd ingesteld. Het beroep van anderen werd wel terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Inhoudelijk oordeelde de Raad dat het college in redelijkheid tot afwijzing van het verzoek kon komen. De parkeerdruk was niet hoog genoeg en er was onvoldoende draagvlak in de wijk. Bovendien zou de gevraagde maatregel leiden tot particuliere parkeerplaatsen op openbare grond, wat ongewenst is. Ook stelde de Raad vast dat geen dwangsommen waren verbeurd omdat het verzoek een besluit van algemene strekking betrof.
Het beroep werd uiteindelijk ongegrond verklaard, maar het hoger beroep was gegrond en het griffierecht werd aan appellant terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het verzoek om verkeersmaatregel wordt afgewezen.