ECLI:NL:RVS:2017:2575
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris niet-ontvankelijk werd verklaard bij besluit van 27 juli 2017. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit ongegrond op 12 september 2017. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling verzocht vervolgens om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat hij zou worden uitgezet voordat op het hoger beroep was beslist, en om opvang en verstrekkingen gedurende die periode te ontvangen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek toewijsbaar was, mede gelet op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350).
De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd op 22 september 2017 in het openbaar gedaan door voorzieningenrechter G. van der Wiel.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.