ECLI:NL:RVS:2017:2566
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielprocedure
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris op 12 juli 2017 niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit op 23 augustus 2017 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 20 september 2017 het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld. De vreemdeling vroeg om te voorkomen dat zij wordt uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en om opvang en verstrekkingen gedurende die periode.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek toewijsbaar is, mede gelet op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). Daarom werd bepaald dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat het hoger beroep is afgerond. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.