ECLI:NL:RVS:2017:2355
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering kinderopvangtoeslag wegens ontbreken schriftelijke overeenkomst gastouderopvang
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de kinderopvangtoeslag van appellant over 2012 definitief vast op €572 en later op €521, en vorderde €9.386 aan teveel ontvangen voorschotten terug. Appellant maakte bezwaar en stelde dat gastouderopvang had plaatsgevonden op basis van schriftelijke overeenkomsten, die hij deels overlegde, en dat de Belastingdienst onzorgvuldig en in strijd met het gelijkheidsbeginsel handelde door deze niet te accepteren.
De rechtbank oordeelde dat zonder een schriftelijke overeenkomst geen recht op kinderopvangtoeslag bestaat en wees het beroep af. De Raad van State bevestigde dit oordeel. Uit de overgelegde stukken bleek onvoldoende bewijs van een geldige schriftelijke overeenkomst voor de opvang van beide kinderen over de gehele periode. Bovendien voldeed appellant niet aan de kassiersfunctie zoals voorgeschreven in de wet, doordat betalingen rechtstreeks aan de gastouder plaatsvonden.
De Raad van State overwoog dat het de verantwoordelijkheid van de aanvrager is om een deugdelijke administratie te voeren en de gevraagde gegevens te overleggen. Het ontbreken daarvan en het niet voldoen aan wettelijke vereisten rechtvaardigen de terugvordering. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De kinderopvangtoeslag over 2012 wordt vastgesteld op €521 en de terugvordering van teveel ontvangen voorschotten bevestigd.