ECLI:NL:RVS:2017:2055
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel en toewijzing hoger beroep
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 30 mei 2016 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 9 januari 2017 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vreemdeling zich niet opnieuw in de Koerdische Autonome Regio kon vestigen, hetgeen in strijd was met eerdere jurisprudentie. Hierdoor werd het hoger beroep kennelijk gegrond verklaard en werd de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
De Afdeling vernietigde tevens het besluit van de staatssecretaris van 30 mei 2016 wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die geheel toerekenbaar waren aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.