ECLI:NL:RVS:2017:1471
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris heeft op 14 maart 2017 een aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 17 mei 2017 het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde, met behoud van de rechtsgevolgen.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om uitzetting te voorkomen totdat op het hoger beroep is beslist. De staatssecretaris stelde incidenteel hoger beroep in.
De voorzieningenrechter oordeelde dat niet op voorhand aannemelijk is dat de uitspraak in hoger beroep in stand zal blijven, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening toewijsbaar is. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling tot een bedrag van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.