ECLI:NL:RVS:2017:1228
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen proceskostenvergoeding bij bezwaar tegen informatieverzoek
De minister van Veiligheid en Justitie stelde een verzoek om informatie van verzoeker buiten behandeling en verklaarde een daarop gericht bezwaar niet-ontvankelijk. Na herroeping van dat besluit verstrekte de minister een document aan verzoeker. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bezwaar gegrond en bepaalde een proceskostenvergoeding van €744,00 toe aan verzoeker.
De minister ging in hoger beroep tegen de hoogte van deze vergoeding en stelde dat de rechtbank ten onrechte een wegingsfactor van 1,5 had toegepast, terwijl volgens hem slechts één zaak aan de orde was. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank onterecht de hogere wegingsfactor toepaste, omdat niet aannemelijk was gemaakt dat het bezwaar samenhing met andere zaken.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde het deel van het vonnis over de proceskostenvergoeding en stelde de vergoeding vast op €495,00. Tevens bepaalde zij dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het eerdere besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State stelt de proceskostenvergoeding vast op €495,00 en vernietigt het hogere bedrag van de rechtbank.