ECLI:NL:RVS:2016:529
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- P.J.J. van Buuren
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing tegemoetkoming planschade wegens onvoldoende motivering normale maatschappelijke risico
Het college van burgemeester en wethouders van Deurne wees op 28 juli 2014 de aanvraag van appellant om tegemoetkoming in planschade af. Appellant stelde dat het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied van 11 december 2007 leidde tot een planologische verslechtering en waardevermindering van zijn woning, die als noodwoning onder een persoonsgebonden overgangsrecht viel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat de planologische verandering binnen het normale maatschappelijke risico viel, zoals bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, Wro. Het college had niet aannemelijk gemaakt dat de ontwikkeling in de lijn der verwachtingen lag en dat de schade niet onevenredig was ten opzichte van de waarde van het gebouw.
De Afdeling vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep gegrond. Het college moet een nieuwe beslissing nemen, waarbij een deskundige taxatie van de waardevermindering onder het oude en nieuwe bestemmingsplan moet worden betrokken, evenals een beoordeling van het normale maatschappelijke risico. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak vernietigd, en het college opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met een deskundige taxatie en heroverweging van het normale maatschappelijke risico.