ECLI:NL:RVS:2016:2965
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen handhavingsbesluit verwijderen woonvoorzieningen in strijd met vergunning
Bij besluit van 13 februari 2013 heeft het college appellant gelast om de woonvoorzieningen uit het pand aan een locatie te Kootwijkerbroek te verwijderen, onder oplegging van een dwangsom. Het besluit werd gehandhaafd bij besluit van 4 november 2015 na bezwaar, waarop appellant beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde in een eerdere uitspraak dat het besluit van 13 februari 2013 in strijd was met artikel 5:6 van Pro de Awb omdat het college tweemaal een herstelsanctie oplegde voor dezelfde overtreding. Het college had echter het eerdere besluit van 5 september 1978 ingetrokken voordat het nieuwe besluit op bezwaar nam, waardoor het nieuwe besluit niet in strijd was met artikel 5:6 Awb Pro.
Appellant voerde aan dat het college het besluit van 13 februari 2013 had moeten herroepen en dat de begunstigingstermijn niet verlengd mocht worden. De Afdeling oordeelde dat het college niet gehouden was het besluit te herroepen en dat het stellen van een nieuwe begunstigingstermijn bij de heroverweging op bezwaar geoorloofd was.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit is ongegrond verklaard en het besluit wordt gehandhaafd.