ECLI:NL:RVS:2016:2743
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.M. Wissels
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit AP inzake publicatie persoonsgegevens in faillissementsverslagen
Appellant, werkzaam als rechtskundig adviseur, verzocht de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om handhaving tegen de publicatie van faillissementsverslagen met zijn persoonsgegevens op internet. De AP wees dit verzoek af, stellende dat publicatie niet in strijd was met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en dat individuele handhaving niet aan de orde was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het bezwaar tegen de beleidsregels van de AP niet-ontvankelijk werd verklaard. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het bezwaar tegen de beleidsregels wel ontvankelijk en inhoudelijk behandeld had moeten worden, maar zag geen reden om de uitspraak te vernietigen op dat punt.
De Afdeling stelde vast dat de AP haar standpunt over individuele handhaving had gewijzigd en onvoldoende zorgvuldig onderzoek had verricht, waardoor het besluit op bezwaar vernietigd werd wegens strijd met het motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel. Inmiddels waren de faillissementsverslagen met appellant betreffende persoonsgegevens verwijderd, zodat het verzoek thans niet meer toewijsbaar was.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de AP voor zover het bezwaar ongegrond werd verklaard, en bepaalde dat het verzoek niet meer in aanmerking komt. Tevens werd de AP veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de Autoriteit Persoonsgegevens wordt vernietigd wegens strijd met motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel, maar het verzoek tot handhaving wordt niet toegewezen omdat de persoonsgegevens inmiddels van internet zijn verwijderd.