ECLI:NL:RVS:2016:2122
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet-behandeling asielaanvragen na Dublin-overdracht
De vreemdelingen dienden op 13 december 2013 asielaanvragen in Nederland in, die vervolgens werden overgenomen door Italië op grond van de Dublinverordening. De staatssecretaris wees de aanvragen af en nam latere besluiten om de aanvragen niet in behandeling te nemen. De rechtbank verklaarde deze besluiten onrechtmatig en beval nieuwe besluitvorming.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat sprake was van een onevenredig lange procedure, aangezien de overdrachtstermijn volgens de Dublinverordening nog niet was verstreken door opschortingen. Hierdoor was er geen verplichting voor de staatssecretaris om de behandeling aan zich te trekken.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat de vreemdelingen onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat de opvang en medische zorg in Italië ontoereikend zouden zijn, zodat geen schending van artikel 3 EVRM Pro zou plaatsvinden. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de beroepen van de vreemdelingen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.