ECLI:NL:RVS:2015:1122
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vermindering schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn bij kinderopvangtoeslag
De Belastingdienst/Toeslagen herzag het voorschot kinderopvangtoeslag van belanghebbende over 2008 naar nihil. Belanghebbende maakte bezwaar tegen dit besluit, waarop de Belastingdienst pas na ruim drie jaar een besluit nam. De rechtbank kende een schadevergoeding toe van €3.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling.
De Belastingdienst stelde dat de rechtbank ten onrechte uitging van een redelijke termijn van twee jaar, terwijl op het moment van het primaire besluit de vaste rechtspraak een termijn van drie jaar hanteerde voor bezwaar en beroep samen. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de redelijke termijn inderdaad drie jaar bedroeg en dat de overschrijding ruim elf maanden was.
Op basis van een tarief van €500 per half jaar overschrijding werd de schadevergoeding door de Afdeling verlaagd naar €1.000. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover deze een hogere vergoeding toekende. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Belastingdienst is veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €1.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn.