ECLI:NL:RVS:2014:340
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- E. Helder
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bestemmingsplan Hanzepoort en wijzigingsbevoegdheid onderbouwd door Raad van State
De raad van de gemeente Oldenzaal stelde op 22 april 2013 het bestemmingsplan "Hanzepoort" vast, dat betrekking heeft op het bedrijventerrein Hanzepoort en omliggende gronden. Diverse partijen, waaronder Fresh Vastgoed B.V., [appellant sub 2] en Stichting Oost Deurningen, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het geschil op 20 november 2013 en deed uitspraak op 5 februari 2014.
Fresh Vastgoed en anderen voerden aan dat de bestemming "Bedrijventerrein - 1" ten onrechte werd toegekend aan het perceel van [appellant sub 2], met bezwaren tegen het parkeren, verhuren en verkopen van vrachtwagens en bedrijfsauto’s vanwege aantasting van zichtlocaties, privaatrechtelijke belemmeringen en strijd met welstandsbeleid. De raad stelde dat dit gebruik binnen het vorige bestemmingsplan paste en dat er geen evidente privaatrechtelijke belemmeringen waren. De Afdeling oordeelde dat het gebruik niet in strijd is met het bestemmingsplan en dat de belangenafweging van de raad redelijk was, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard.
[Appellant sub 2] betoogde dat de aanduiding "kantoor" voor een nabijgelegen perceel niet passend was en haar bedrijfsvoering belemmerde. De Afdeling stelde vast dat de raad onvoldoende ruimtelijke afweging had gemaakt en onvoldoende had gemotiveerd waarom een solitair kantoor op die locatie passend is. Daarom werd het besluit op dit punt vernietigd en de raad opgedragen het gebrek te herstellen.
Stichting Oost Deurningen richtte zich tegen de wijzigingsbevoegdheid voor uitbreiding van het bedrijventerrein, stellende dat de SER-ladder niet was toegepast en dat er geen regionale behoefte was. De Afdeling oordeelde dat de raad onvoldoende had onderzocht of aan de voorwaarden van artikel 3.1.6 Bro was voldaan, waardoor dit beroep gegrond werd verklaard en het besluit voor zover het de wijzigingsbevoegdheid betreft werd vernietigd.
De Afdeling droeg de raad op binnen vier weken het vernietigde onderdeel te verwerken in het elektronisch plan en binnen zestien weken het gebrek omtrent de kantoorbestemming te herstellen met passende motivering of wijziging van het plan. Proceskosten werden deels toegewezen aan Stichting Oost Deurningen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan is vernietigd voor de wijzigingsbevoegdheid en de kantoorbestemming dient te worden heroverwogen; overige beroepen zijn ongegrond verklaard.