ECLI:NL:RVS:2014:2613
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.G. Drupsteen
- N.S.J. Koeman
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing vergoeding planschade wegens onvolledige motivering college Heerlen
De appellant, huurder en exploitant van een kampeerbedrijf te Heerlen, diende een aanvraag in voor vergoeding van planschade als gevolg van een bestemmingsplanwijziging die leidde tot inkomensderving. Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen wees deze aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Limburg bevestigde dit besluit.
In hoger beroep stelde appellant dat het college ten onrechte had aangenomen dat de schade volledig anderszins verzekerd was door onteigening, terwijl de schadeloosstelling nog niet onherroepelijk was vastgesteld en de motivering van het college onvoldoende was. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het advies van de SAOZ onvoldoende inzicht gaf in de omvang van de planschade en dat de schadeloosstelling in de onteigeningsprocedure niet dezelfde peildatum hanteert als de planschadevergoeding, waardoor aanvullende vergoeding mogelijk is.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het college niet opnieuw op het bezwaar hoeft te beslissen voordat de schadeloosstelling onherroepelijk is vastgesteld. Daarna kan appellant alsnog schadeposten aanwijzen die niet in de schadeloosstelling zijn meegenomen. Tevens werd bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het college van Heerlen tot afwijzing van de vergoeding van planschade wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en het beroep van appellant wordt gegrond verklaard.