ECLI:NL:RVS:2014:2206
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor verbouwing woning ondanks betwisting maatvoering
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland verleende op 14 augustus 2012 een omgevingsvergunning voor het verbouwen en restaureren van een woning te Maasland. Appellanten stelden dat het bouwplan niet voldeed aan het Bouwbesluit 2012, omdat de constructieberekeningen gebaseerd waren op onjuiste maatvoering. Zij voerden aan dat het college had moeten uitgaan van oudere bouwtekeningen en dat het doorzagen van een vloerbalk onderdeel had moeten zijn van de vergunning.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht was uitgegaan van de maatvoering in de aanvraag van 21 mei 2012 en het bijbehorende rapport van Goudstikker-De Vries. De Raad van State bevestigt dit oordeel en benadrukt dat de aanvraag en daarin opgenomen gegevens bepalend zijn voor de vergunningverlening. Het is niet relevant of de werkelijke maatvoering afwijkt van de aanvraag; dit is een handhavingskwestie die hier niet aan de orde is.
Daarnaast wees de Raad van State het betoog af dat het doorzagen van een vloerbalk onderdeel van de vergunning had moeten zijn, omdat dit geen onderdeel van de aanvraag was. Ook het deskundigenadvies van Böhtlingk Architectuur bracht geen onjuistheden aan het licht die het college hadden moeten weerhouden de vergunning te verlenen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning wordt bevestigd.