Uitspraak
200900198/1/H3kan het college niet baten. Die uitspraak heeft betrekking op de vraag of de nieuwe eigenaar een procedure die door de vervreemder is gestart kan voortzetten. Die situatie doet zich hier niet voor.
201100085/1/H1), zijn bijzondere omstandigheden, als bedoeld in artikel 4:84 van Pro de Awb, omstandigheden, waarmee bij de vaststelling van het te voeren beleid geen rekening is gehouden. Het college heeft in de beleidsregels de betekenis van de term "ondergeschikt" aan de hand van de verkoopvloeroppervlakte van de winkel met een maximum van 30 m² nader bepaald. Voor winkels, gericht op de verkoop van etenswaren die voor consumptie gereed zijn, zoals een afhaalpizzeria, is een horecafunctie op 30% van de totale verkoopvloeroppervlakte ondergeschikt geacht. Voor overige winkels is een kleinere oppervlakte toegestaan. Aldus is een geval, als het onderhavige, waarin het gaat om een broodjeszaak, bij het vaststellen van de beleidsregels voorzien. Indien het college de in de beleidsregels vermelde oppervlakte te groot acht en strikte toepassing van dit beleid volgens hem niet overeenstemt met het doel daarvan, kan het het gevoerde beleid wijzigen. Andere bijzondere omstandigheden heeft het niet gesteld. Gelet op het voorgaande, kon [wederpartij] op grond van de op 8 maart 2005 vastgestelde beleidsregels met succes aanspraak maken op verlening van de ontheffing.