ECLI:NL:RVS:2013:696
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- Th.G. Drupsteen
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Spreiding Maastrichtse Coffeeshops wegens strijd met Opiumwet en Horecanota
De raad van de gemeente Maastricht stelde op 27 september 2011 het bestemmingsplan 'Spreiding Maastrichtse Coffeeshops: Köbbesweg' vast zonder exploitatieplan. Diverse partijen, waaronder Exploitatiemaatschappij Pegasus B.V., ACI Supplies en Fun Valley, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak en deed op 10 oktober 2012 een tussenuitspraak waarin de raad werd opgedragen het besluit te motiveren vanwege onduidelijkheden over de uitvoerbaarheid van het plan, mede door de invoering van het Besloten-clubcriterium en het Ingezetenencriterium.
De raad voerde in een nadere motivering aan dat de coffeeshophouders vrijwillig meewerken aan de verplaatsing en de kosten kunnen dragen. Diverse appellanten betwistten dit en wezen op financiële onzekerheden en sluitingen van coffeeshops. De Afdeling oordeelde dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het plan uitvoerbaar is, mede gelet op de verklaringen van de coffeeshophouders.
De Afdeling verklaarde de beroepen van enkele partijen niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang. Tevens oordeelde zij dat het plan strijdig is met de Opiumwet omdat het toestaat dat verdovende en/of hallucinerende stoffen worden verkocht in coffeeshops, en met de Horecanota 2008 omdat het plan de vestiging van andere droge horeca dan coffeeshops mogelijk maakt zonder dat de gemeente dit kan tegenhouden. Daarom vernietigde de Afdeling deze onderdelen van het bestemmingsplan, terwijl de rechtsgevolgen van het besluit voor het overige in stand bleven.
De Afdeling veroordeelde de gemeente Maastricht tot vergoeding van proceskosten aan diverse appellanten en tot vergoeding van griffierechten. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Van Buuren en leden Drupsteen en Simons-Vinckx op 14 augustus 2013.
Uitkomst: Het bestemmingsplan werd gedeeltelijk vernietigd wegens strijd met de Opiumwet en Horecanota, met instandhouding van overige rechtsgevolgen en toekenning van proceskosten aan appellanten.