ECLI:NL:RVS:2013:1937
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.C. Kranenburg
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening pluimveehouderij en beoordeling stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht verleende op 25 oktober 2011 een vergunning aan een pluimveehouderij voor uitbreiding aan de Zuidelijke Meensteeg 8b te Rhenen. De onderlinge waarborgmaatschappij Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A. (MOB) maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college op 8 mei 2012 ongegrond werd verklaard. MOB stelde beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college niet bevoegd was om een vergunning te verlenen voor effecten op het Natura 2000-gebied Binnenveld, omdat dit gebied deels buiten de provincie Utrecht ligt. Verder stelde de Afdeling vast dat de beoordeling van ammoniakemissie en stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden Kolland&Overlangbroek en Groot Zandbrink niet zorgvuldig was uitgevoerd, omdat de salderingsberekening onvoldoende inzicht gaf in de toename ten opzichte van de bedrijfssituatie waarvoor in 1991 een milieuvergunning was verleend.
Daarnaast concludeerde de Afdeling dat de voorwaarden voor opname van milieuvergunningen in de Utrechtse depositiebank onvoldoende waarborgen bieden voor een directe samenhang tussen de ingetrokken milieuvergunningen en de saldering ten behoeve van de nieuwe vergunning. Dit leidde tot vernietiging van het besluit op bezwaar. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Ten slotte wees de Afdeling erop dat het Natura 2000-gebied Groot Zandbrink sinds 2012 niet langer op de lijst van gebieden van communautair belang voorkomt, waardoor effecten op dit gebied niet langer vergunningplichtig zijn onder artikel 19d van de Nbw 1998.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor de pluimveehouderij wordt vernietigd wegens onvoldoende waarborgen bij saldering van stikstofdepositie en onjuiste bevoegdheid.