ECLI:NL:RVS:2013:1724
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor uitweg Sportlaan ondanks bezwaren omwonenden
Het college van burgemeester en wethouders van Oldebroek verleende op 9 september 2010 een vergunning voor het maken van een uitweg aan de Sportlaan tegenover huisnummer 16. De erven, omwonenden, maakten bezwaar tegen deze vergunning en stelden dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar de noodzaak en gevolgen van de vergunning, en dat hun belangen niet waren meegewogen. De rechtbank verklaarde het beroep van de erven ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het college bevoegd was de vergunning te verlenen en dat de beoordelingsvrijheid van het college bij de weigeringsgronden uit de APV terughoudend door de bestuursrechter wordt getoetst. Het college had zich gebaseerd op een verkeersrapport waaruit bleek dat de verplaatsing van de uitweg niet tot onveilige verkeerssituaties zou leiden. De vrees van de erven voor waardedaling en aantasting van de groene omgeving was onvoldoende onderbouwd.
De Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het college de vergunning terecht had verleend en dat de bezwaren van de erven onvoldoende waren om het besluit te vernietigen. Ook werd vastgesteld dat de erven vrij staan om nadeelcompensatie aan te vragen indien sprake is van waardedaling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor de uitweg wordt bevestigd.