ECLI:NL:RVS:2012:BW4906
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep minister tegen uitspraak rechtbank inzake medische zorg bij uitzetting vreemdeling
De minister voor Immigratie en Asiel stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage die het beroep van een vreemdeling tegen de afwijzing van een verblijfsvergunning regulier gegrond had verklaard. De kern van het geschil betrof de vraag of de minister zich ervan moet vergewissen dat bij uitzetting van de vreemdeling de overdracht aan een psychiater in het land van bestemming daadwerkelijk is geregeld en de voortzetting van medische zorg is gewaarborgd.
De minister voerde aan dat de nationaliteit van de vreemdeling niet vaststaat en dat de door het Bureau Medische Adviseur gestelde reisvoorwaarden, zoals begeleiding door een sociaal-psychiatrisch geneeskundige en het beschikken over medicatie, kunnen worden nageleefd. Echter, zonder kennis van het land van herkomst kan niet worden gegarandeerd dat de medische overdracht aan een psychiater op de plaats van bestemming geregeld is.
De Raad van State verwijst naar een eerdere uitspraak waarin deze rechtsvraag is beantwoord en concludeert dat de grief van de minister slaagt. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.