Uitspraak
201012078/1/R1), kan het opfokken van elders gefokte paarden niet worden aangemerkt als het uitoefenen van een agrarisch bedrijf, omdat in dat geval geen sprake is van het voortbrengen van agrarische producten.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Noordenveld verleende van rechtswege een bouwvergunning voor het bouwen van een paardenstal en rijhal op een perceel te Lieveren. [Appellant] maakte bezwaar tegen deze vergunning, stellende dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan omdat het geen agrarisch bedrijf betrof en niet voldeed aan de eis van grondgebondenheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van [appellant] ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het opfokken van elders gefokte paarden niet valt onder het voortbrengen van agrarische producten en dus niet als agrarisch bedrijf kan worden aangemerkt. Hierdoor is het bouwplan strijdig met het bestemmingsplan en is de bouwvergunning niet van rechtswege verleend.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college en verklaarde het beroep van [appellant] gegrond. Het college werd opgedragen een nieuw besluit te nemen en werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 1748,00.
Deze uitspraak benadrukt het belang van een juiste kwalificatie van bedrijfsactiviteiten binnen bestemmingsplannen en de noodzaak van zorgvuldige toetsing door bestuursorganen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de bouwvergunning wordt vernietigd.