Uitspraak
201002349/1/R2, in dit geval geen sprake van ontwikkelingen in de nabije toekomst waarbij voorzienbaar is dat andere planologische mogelijkheden zullen worden opgenomen dan nu in het plan zijn vastgelegd.
Raad van State
De raad van de gemeente Hillegom stelde op 3 juni 2010 het bestemmingsplan voor de aanleg van een fietsverbinding tussen Hillegom en Bennebroek vast. De Muntendamsche Investerings Maatschappij B.V. stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat er geen rekening was gehouden met concrete plannen voor een provinciale weg in het plangebied en dat onteigeningsprocedures nog doorlopen moesten worden.
De Raad van State oordeelde dat het beroep ontvankelijk is, ondanks dat een deel van de gronden onteigend moet worden. De raad van de gemeente stelde dat de provinciale weg nog niet concreet was en dat het fietspad veilig kan worden gerealiseerd, ook indien de weg wordt aangelegd. Tevens is het plan afgestemd met de provincie en zal het fietspad met subsidie worden gerealiseerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat de Investerings Maatschappij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de provinciale weg of andere ontwikkelingen zodanig concreet waren dat hiermee rekening gehouden had moeten worden bij de vaststelling van het plan. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 18 mei 2011.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan voor het fietspad Hillegom-Bennebroek is ongegrond verklaard.