Uitspraak
200808166/1/H2, is in de nota van toelichting (Stb. 1994, 32) bij artikel 3, aanhef en onder b, van het Brt vermeld dat een rechtsbijstandverzoek enige kans van slagen dient te hebben en dat het verlenen van rechtsbijstand niet zinvol is indien ter onderbouwing van het verzoek geen of een volstrekt ontoereikende grond wordt aangevoerd. De beantwoording van de vraag of hiervan sprake is vereist een individuele, materiële toets, die, zoals onder meer volgt uit de uitspraak van de Afdeling van 7 december 2005 in zaak nr.
200504666/1, marginaal van aard is.