ECLI:NL:RVS:2010:BM7772
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- J.H. van Kreveld
- C.J.M. Schuyt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging herziening tegemoetkoming buitengewone uitgaven 2006
De inspecteur van de Belastingdienst/Oost herzag de aan wederpartij verleende tegemoetkoming buitengewone uitgaven (TBU) voor 2006 en stelde deze vast op nihil, waarna hij het reeds betaalde bedrag terugvorderde. Wederpartij maakte bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van wederpartij gegrond en vernietigde de besluiten van de inspecteur.
De kern van het geschil betrof de vraag of het van inkomstenbelasting vrijgestelde inkomen van wederpartij uit zijn dienstbetrekking bij het Internationaal Gerechtshof moest worden meegeteld bij de berekening van de TBU. De rechtbank oordeelde dat de TBU wordt berekend op basis van de gecombineerde inkomensheffing en heffingskorting, waarbij het vrijgestelde inkomen geen rol speelt.
De inspecteur voerde aan dat het vrijgestelde inkomen wel meegeteld moet worden, gelet op het doel van de regeling en vergelijkbare regelingen. De Raad van State overwoog dat uit de tekst en toelichting van het Besluit niet volgt dat het vrijgestelde inkomen meetelt en dat het arrest van de Hoge Raad uit 2002 niet van toepassing is op de TBU, omdat deze niet gebaseerd is op het verzamelinkomen maar op de gecombineerde inkomensheffing.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werden geen proceskosten toegekend, en de inspecteur werd een griffierecht opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.