Uitspraak
200509306/1, is voor de vraag of een object op grond van de Wet milieubeheer moet worden beschermd tegen nadelige gevolgen voor het milieu niet de planologische status van dat object, maar het feitelijk gebruik dat van dat object wordt gemaakt, doorslaggevend. Niet in geschil is dat de woning aan de Elzerdijk 46 ten tijde van het nemen van het bestreden besluit, in strijd met het bestemmingsplan, permanent werd bewoond. Nu ten tijde van het nemen van het bestreden besluit echter reeds een besluit tot bestuursrechtelijke handhaving was genomen op grond waarvan dit gebruik binnen enkele weken diende te zijn beëindigd, is de Afdeling van oordeel dat het college er in redelijkheid van heeft kunnen afzien de geluidbelasting ter plaatse van deze woning nader te onderzoeken en geluidgrenswaarden ter bescherming van deze permanent bewoonde recreatiewoning aan de vergunning te verbinden.