Uitspraak
200705403/1), behoeven, naarmate de inbreuk op de bestaande planologische situatie geringer is, minder zware eisen te worden gesteld aan de ruimtelijke onderbouwing van een project. De rechtbank heeft in de uitspraak van 6 juni 2008 overwogen dat het bouwplan een aanzienlijke inbreuk maakt op de bestaande planologische situatie. In zoverre kan [appellant] dan ook worden gevolgd in zijn betoog, dat aan de ruimtelijke onderbouwing hoge eisen moeten worden gesteld.
200505109/1), diende het college te besluiten over het bouwplan zoals dat is ingediend. Indien dit bouwplan op zichzelf aanvaardbaar is, kan het bestaan van alternatieven slechts dan tot het onthouden van medewerking nopen, indien op voorhand duidelijk is dat door verwezenlijking van de alternatieven een gelijkwaardig resultaat kan worden bereikt met aanmerkelijk minder bezwaren. Die situatie doet zich hier niet voor, reeds omdat het Gelders Genootschap in haar advies van 11 maart 2009 heeft aangegeven dat de drie door [appellant] aangedragen alternatieve bouwplannen als een achteruitgang van de architectonische kwaliteit van Azewijn worden ervaren.