Uitspraak
200503095/1) rust de bewijslast dat overgangsrecht van toepassing is op degene die zich daarop beroept.
Raad van State
De burgemeester van Amsterdam wees de aanvraag van appellant voor een terrasvergunning af omdat het terras in strijd was met het bestemmingsplan. Appellant maakte bezwaar en stelde dat het gebruik van het terras niet was geïntensiveerd sinds het in werking treden van het bestemmingsplan op 1 maart 2004.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak en oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het terrasgebruik niet was geïntensiveerd. De Afdeling hechtte waarde aan een foto uit 2006 waarop meer tafels stonden dan in 2004, en aan de situatieschets van appellant zelf.
De verklaringen en bewijsstukken van appellant waren onvoldoende om het oordeel te weerleggen. De Afdeling bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank en de afwijzing van de vergunning. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de terrasvergunning wordt bevestigd omdat het gebruik sinds het bestemmingsplan is geïntensiveerd.