ECLI:NL:RVS:2008:BD0343
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling statusmededeling minister aan Europees Octrooibureau geen besluit in bestuursrechtelijke zin
De minister van Buitenlandse Zaken heeft aan het Europees Octrooibureau (EOB) medegedeeld dat appellant valt onder de categorie 'permanent resident' zoals omschreven in het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer. Appellant maakte bezwaar tegen deze mededeling, maar de minister verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit met rechtsgevolgen is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat appellant geen belanghebbende is.
In hoger beroep betoogt de minister dat de brief geen besluit is omdat deze een mededeling betreft in de verhouding tussen de Staat der Nederlanden en het EOB, gebaseerd op internationale overeenkomsten zoals het Protocol en de Zetelovereenkomst, en niet op een nationale bevoegdheid. De Raad van State oordeelt dat de brief inderdaad geen besluit is in de zin van de Awb en bevestigt daarmee het oordeel van de rechtbank, zij het op andere gronden.
Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard, het hoger beroep van de minister gegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd met verbetering van de motivering.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.