Uitspraak
200701522/1), moet uit de totstandkomingsgeschiedenis van de Monumentenwet 1988 worden afgeleid dat het de bedoeling van de wetgever is geweest dat aan het advies van de gemeenteraad grote betekenis wordt gehecht, maar bij de uitoefening van de aanwijzingsbevoegdheid een eigen oordeel dient te worden gevormd en een eigen afweging dient te worden gemaakt, waarvan niet alleen het advies van de gemeenteraad, maar ook dat van de Raad en, voor zover van toepassing, dat van gedeputeerde staten onderdeel dient uit te maken.