ECLI:NL:RVS:2007:BB5228
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.K.W. Bartel
- A.L.M. Steinebach-de Wit
- Rechtspraak.nl
Weigering bouwvergunning en vrijstelling voor woning op perceel in Meppel bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Meppel weigerde op 14 februari 2006 de vrijstelling en bouwvergunning voor de bouw van een woning op een perceel in Meppel. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank Assen, die het beroep op 15 december 2006 ongegrond verklaarde. Hiertegen stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat de aanvraag op 25 november 2005 was ingediend en dat het college niet binnen de wettelijke termijn van zes weken had beslist, waardoor appellant meende dat de bouwvergunning van rechtswege was verleend. De Raad stelde vast dat het bouwplan getoetst moest worden aan het bestemmingsplan "Oosterboer 1996". Het perceel was bestemd voor woondoeleinden, maar het gewenste hoofdgebouw lag in een gebied dat was aangewezen als "bijgebouwengebied", waar geen hoofdgebouwen mogen worden gebouwd.
De Raad concludeerde dat het bouwplan niet in overeenstemming was met het bestemmingsplan en dat het college de gevraagde vrijstelling in redelijkheid had kunnen weigeren. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat appellant geen vergelijkbare gevallen had aangevoerd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning en vrijstelling bevestigd.