ECLI:NL:RVS:2006:AY9907
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- B.F.C. van Rheenen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens gebrek aan procesbelang bij subsidieaanvraag
Appellant verzocht de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om een subsidie voor het project "De (bijstands)cliënt centraal". Dit verzoek werd bij brief van 17 oktober 2005 afgewezen wegens het ontbreken van gemeentelijk draagvlak en onvoldoende behoefte aan het voorgestelde onderzoek.
Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant geen belanghebbende was in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank verklaarde vervolgens het beroep van appellant tegen deze beslissing eveneens niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
In hoger beroep bevestigt de Raad van State deze niet-ontvankelijkheid. Appellant heeft als privépersoon geen rechtstreeks belang bij de subsidie en het gevraagde bedrag is symbolisch, waardoor het onderzoek ook zonder subsidie kan doorgaan. Hierdoor ontbreekt het aan een rechtens te beschermen belang en is het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een procesbelang.