ECLI:NL:RVS:2006:AY8080
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- F.P. Zwart
- P.A. Offers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake exploitatievergunning restaurant Rotterdam
De burgemeester van Rotterdam verleende op 11 februari 2005 een exploitatievergunning voor een restaurant aan een vergunninghouder. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van een derde partij gegrond en vernietigde het besluit, omdat de vergunning volgens de rechtbank niet kon worden beschouwd als ongewijzigde voortzetting van een bestaande inrichting, mede vanwege het consolidatiebeleid uit de Horecanota Rotterdam 2002-2006.
De Raad van State oordeelt anders en stelt dat het consolidatiebeleid inhoudt dat het aantal inrichtingen gelijk moet blijven aan het aantal ten tijde van de vaststelling van de Horecanota, ongeacht of een inrichting feitelijk is geëxploiteerd. De vergunningverlening aan de nieuwe inrichting vormt een ongewijzigde voortzetting van een bestaande inrichting, wat niet in strijd is met het consolidatiebeleid.
Daarnaast oordeelt de Raad dat de burgemeester terecht heeft geoordeeld dat onvoldoende is komen vast te staan dat de inrichting anders wordt geëxploiteerd dan als restaurant, ondanks klachten over geur- en geluidsoverlast en de vermeende exploitatie van een animeerbar. De klachten betreffen de naleving van de vergunning en kunnen niet worden betrokken bij de vergunningverlening.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee de vergunningverlening aan de inrichting wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waardoor de vergunningverlening aan de inrichting wordt bevestigd.