Uitspraak
200304614/1, heeft de Afdeling het daartegen door appellant ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Berkelland legde appellant een dwangsom op wegens het illegaal uitbreiden van een wagenloods zonder bouwvergunning. Na eerdere dwangsombesluiten en bezwaarprocedures werd een dwangsom van €50.000 opgelegd met een verwijderingsdeadline.
Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat het college niet had mogen herhalen en verhogen van de dwangsom. De rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelden echter dat het college bevoegd was tot handhaving en dat er geen uitzicht was op legalisatie van de uitbreiding.
De Raad van State bevestigde dat de eerste dwangsom was verbeurd en niet meer kon worden geïnd vanwege verjaring. Het college mocht een nieuwe dwangsom opleggen, die in redelijke verhouding stond tot het geschonden belang. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de dwangsomoplegging van €50.000 blijft gehandhaafd.