Uitspraak
200304767/1heeft overwogen dat inherent aan de toepassing van artikel 8 van Pro de Wvg is dat ten tijde daarvan van de toekomstige bestemming nog slechts een globaal beeld bestaat en dat niet voor elk in de aanwijzing betrokken perceel duidelijk hoeft te zijn of het kan worden ingepast, leidt, gelet op de verhouding tussen het plangebied en de blijkens in de notitie genoemde omvang van het gewenste bedrijventerrein, in dit geval niet tot een ander oordeel.