ECLI:NL:RVS:2006:AV2261
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- J.G.C. Wiebenga
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van vergunningvoorschriften voor emissiehandel broeikasgassen en stikstofoxiden
Bij besluiten van 3 februari 2005 en 9 juni 2005 heeft de Nederlandse emissieautoriteit vergunningen verleend en gewijzigd aan het Academisch Medisch Centrum te Amsterdam voor de emissie van broeikasgassen en stikstofoxiden. Tegen deze besluiten heeft appellant beroep ingesteld bij de Raad van State. De beroepen richtten zich onder meer tegen verplichtingen tot registratie, wijziging van het monitoringsprotocol en meldingsplicht van tijdelijke afwijkingen.
Verweerder stelde dat het beroep tegen bepaalde voorschriften niet-ontvankelijk was wegens het ontbreken van zienswijzen tijdens de ontwerpbesluitfase. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde deze niet-ontvankelijkheid voor de registratieverplichtingen. Voor de overige voorschriften werd de inhoudelijke toetsing verricht. De Raad oordeelde dat de voorschriften, die gebaseerd zijn op algemeen verbindende voorschriften uit de Regeling monitoring handel in emissierechten, niet in strijd zijn met rechtszekerheid of het verbod van willekeur.
De administratieve lasten verbonden aan de meldingsverplichtingen werden als proportioneel beoordeeld, mede gelet op het belang van transparantie, verifieerbaarheid en de goede werking van het emissiehandelssysteem. De Raad concludeerde dat verweerder niet bevoegd was om minder stringente voorschriften te verbinden dan de Regeling voorschrijft, en dat de beroepen daarom geen doel treffen.
Het beroep tegen het besluit van 3 februari 2005 werd voor zover ontvankelijk niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige, evenals het beroep tegen het besluit van 9 juni 2005, ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen enkele vergunningvoorschriften is niet-ontvankelijk verklaard en de overige beroepen zijn ongegrond verklaard.