ECLI:NL:RVS:2006:AV0967
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- W.M. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek toevoeging rechtsbijstand voor bestuurder vennootschap
Het bureau rechtsbijstandvoorziening van de raad voor rechtsbijstand te Amsterdam wees twee verzoeken van appellant om toevoeging van rechtsbijstand af. Deze verzoeken hadden betrekking op procedures die de besloten vennootschap I&M Productions B.V., waarvan appellant enig aandeelhouder en bestuurder was, voerde tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de belastingdienst.
De raad verklaarde het administratief beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond, en de rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel. De rechtbank stelde dat appellant slechts een afgeleid belang had bij de procedures van de vennootschap, en geen rechtstreeks en individueel rechtsbelang zoals vereist volgens de Wet op de rechtsbijstand (Wrb).
Appellant voerde aan dat hij als belanghebbende in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wel recht had op toevoeging, omdat hij aansprakelijk kon worden gesteld voor de schulden van de vennootschap. De Raad van State oordeelde echter dat appellant geen rechtzoekende is in de zin van de Wrb, omdat hij niet zelf partij was in de procedures. Het belang van appellant is onvoldoende om toevoeging te rechtvaardigen.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verzoeken om toevoeging van rechtsbijstand wordt bevestigd.