ECLI:NL:RVS:2005:AU7178
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A.L.M. Steinebach-de Wit
- Rechtspraak.nl
Weigering bouwvergunning vleesvarkensstal en zeugenstal wegens strijd met bestemmingsplan en belangen bedrijventerrein
Appellanten verzochten om een bouwvergunning voor het oprichten van een vleesvarkensstal en een zeugenstal op een perceel in Boxmeer. Het college van burgemeester en wethouders weigerde deze vergunning, omdat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan "Saxe Gotha" en het gemeentelijk beleid gericht was op de ontwikkeling van een bedrijventerrein op het perceel.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten tegen deze weigering ongegrond. Appellanten stelden in hoger beroep dat zij konden profiteren van overgangsrecht in het bestemmingsplan en dat het college onredelijk had gehandeld door geen vrijstelling te verlenen. De Raad van State oordeelde dat het bouwplan geen verandering betrof die onder het overgangsrecht viel en dat het college de belangenafweging zorgvuldig had gemaakt.
De gemeente had het perceel al sinds 1991 in eigendom met de intentie om het uit te geven voor bedrijfskavels. Hoewel er nog geen concreet plan was voor verplaatsing van het bedrijf van appellanten, was het streven gericht op realisering van het bedrijventerrein elders. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning bevestigd.