ECLI:NL:RVS:2005:AS3155
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Ch.W. Mouton
- P.C.E. van Wijmen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning productiebedrijf diervoeding wegens onvoldoende geuronderzoek
Bij besluit van 6 januari 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Almelo een revisievergunning aan een productiebedrijf voor diervoeding en kauwartikelen voor honden. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat de vergunning onrechtmatig was vanwege onder meer onvoldoende bescherming tegen geurhinder.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het beroep en concludeerde dat het geuronderzoek, waarop de vergunning was gebaseerd, niet representatief was omdat een andere ontgeuringsinstallatie en vloeistof waren gebruikt dan in de aanvraag. Tevens ontbraken essentiële gegevens in het rapport, waardoor niet kon worden vastgesteld of de geurreductie toereikend was.
Hierdoor was het besluit in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel van artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht genomen. De overige bezwaren van appellant werden niet inhoudelijk behandeld omdat het geuronderzoek essentieel was voor de milieubescherming. De Afdeling verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de revisievergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende geuronderzoek.